Home Recensies Moderne Wetenschap in de Bijbel - Ben Hobrink
Creatie.info | vrijdag 30 juli 2010
Hoofd Menu
Startpagina - Nieuw(s)
Agenda
Informatie
95 Stellingen
Onderwerpen
Onderwijs
Recensies
In de media
Online videos kijken
Online boeken lezen
Websites
Over de websites
Nederlands
Engels
Duits
Colofon
Wie zijn wij?
Contact
Webshop
Gratis Levend Water
Gratis Bijbel
Webshop
 
 
 
Moderne Wetenschap in de Bijbel - Ben Hobrink Print E-mail
Friday, 28 November 2008 15:30

Evangelische Omroep Visie 26-10-2005 door Jan Heijnen
Moderne Wetenschap in de Bijbel
De Bijbel is de wetenschap 3500 jaar vooruit
Auteur: Ben Hobrink - Zie ook online boeken bekijken de eerste 11 pagina's

Oude Testament met nieuwe ogen bekeken

Bioloog Ben Hobrink heeft zich altijd al verwonderd over de voorschriften die God gaf aan het volk Israël. Twintig jaar lang onderzocht hij minutieus het Oude Testament en legde Gods bepalingen naast gewoonten van andere volken uit die tijd én naast de huidige inzichten van de wetenschap.

Het resultaat van zijn zoektocht vatte hij samen in het boek Moderne wetenschap in de Bijbel. Het boek geeft op een geheel nieuwe manier kleur aan het Oude Testament.

Een herkauwende haas

Het begon allemaal met de haas. In Leviticus 11 staat dat de haas onrein is, omdat hij herkauwt. “Tijdens mijn opleiding biologie werd ik uitgelachen door andere studenten,” vertelt Hobrink. “Ik geloof de Bijbel, maar iedere bioloog weet dat een haas zijn eten kauwt en doorslikt. Ik heb jarenlang geen antwoord gehad op dit feit. Maar enkele jaren later las ik iets in een christelijk-wetenschappelijk tijdschrift wat mijn ogen opende. Een haas eet soms zijn uitwerpselen en kauwt op deze manier zijn voedsel een tweede keer! De Bijbel zit er op dit punt dus helemaal niet naast!”

De Bijbel is geen wetenschappelijk boek, merkt Hobrink op. “Maar oplettende lezers vinden veel wetenschappelijke feiten die de auteurs van de Bijbel niet konden weten. De Bijbel was zijn tijd 3500 jaar vooruit. Ik heb de teksten van Mozes vergeleken met die van de Egyptenaren. De wetten die Mozes geeft aan het volk van Israël zijn wetenschappelijk verantwoord en past onze maatschappij op tal van terreinen toe.”

Hobrink bestudeerde honderden publicaties voor zijn boek. Een van de meest bijzondere feiten die hij noemt, is waarom jongetjes besneden moesten worden en waarom juist op de achtste dag na de geboorte. “Uit onderzoek blijkt dat bij mannen die als kind zijn besneden, geen peniskanker voorkomt en bijna twaalf keer minder infecties aan de urinewegen dan bij onbesneden mannen.” Maar waarom juist op de achtste dag? “Pas in de twintigste eeuw is gebleken dat de achtste dag na de geboorte de beste dag is om een besnijdenis uit te voeren. Op die dag stoppen bloedingen namelijk een stuk sneller, want juist dan maakt het lichaam meer bloedstollingselementen aan dan op enig andere dag in het leven.”

Levensstijl

Sommige wetten en voorschriften die Mozes doorgaf, lijken vandaag de dag absurd. Waarom moesten bijvoorbeeld de mannen en vrouwen van overwonnen Kanaänieten worden gedood? Volgens Hobrink omdat zij vanwege hun levensstijl een grote kans hadden een geslachtsziekte bij zich te dragen. Ongetrouwde vrouwen in de buurt van Kanaän mochten blijven leven en ver buiten Kanaän zelfs alle vrouwen. Maar God gaf wel het voorschrift deze vrouwen zeven dagen af te zonderen, te wassen, hun bezittingen door het vuur te halen en de nagels te knippen. Hobrink: “De incubatietijd van de meeste besmettelijke ziekten is minder dan zeven dagen. Bovendien moesten kleren, metalen en leren voorwerpen goed worden gereinigd. Het knippen van de nagels was belangrijk, omdat de nagelriem één van de ergste bronnen van bacteriën is.”

Hobrink weet nog meer voorbeelden. “Lepra is in onze Westerse maatschappij praktisch uitgeroeid. Ten onrechte denken veel mensen dat deze ziekte niet besmettelijk is. Volgens artsen wordt deze ziekte in het actieve stadium verspreid door het inademen en doorslikken van leprabacteriën. God wilde dat de melaatse die bacteriën niet zou verspreiden en liet hem zijn neus, snor en mond bedekken. Bovendien moest de melaatse zijn haren los laten hangen en gescheurde kleren dragen. Op die manier was voor iedereen duidelijk dat er besmettingsgevaar was en konden de Israëlieten de zieke ontwijken.”

Onreine varkens

De meeste mensen begrijpen ook niet waarom een varken onrein is. “Het eten van varkensvlees was in die tijd levensgevaarlijk. Tegenwoordig wordt het vlees goed gebakken, maar toen niet. Varkens zijn echte ‘alleseters’: afval, uitwerpselen, insecten, zieke en dode dieren. Zelfs dode ratten. Ideale omstandigheden om dodelijke ziekten op te lopen. Er zijn meer dan veertig ziekten die door varkens kunnen worden overgebracht. Ooit las ik in een boek voor slachtdieronderzoek dat je bij het slachten van dieren kunt zien of ze ziek zijn, behalve bij varkens. De zogeheten gewapende lintworm en trichinen zijn dodelijke wormen en worden overgebracht via varkensvlees.”

Toch blijkt uit de boeken van Mozes niet direct dat God de wet oplegde vanwege gezondheidsredenen. “God heeft Zijn wet in een religieus jasje gestopt,” zegt Hobrink. “Hij weet hoe ongehoorzaam de mens is. Hij had hun nooit kunnen uitleggen dat ze nagels moesten knippen vanwege de bacteriën. Mensen hadden nog nooit gehoord van beestjes die zo klein zijn dat je ze niet kunt zien.”

Ontbreken

“Hoe lang zal het duren voordat we inzien dat de Bijbel niet is geschreven vanuit menselijke kennis die in die tijd aanwezig was, maar juist vanwege het ontbreken van die kennis?” zegt Hobrink. “Tientallen miljoenen mensen hebben in ongeluk en misère geleefd en zijn onnodig vroeg gestorven, omdat er geen belang werd gehecht aan de simpele en concrete hygiëne- en voedselmaatregelen uit de Bijbel. En nog steeds sterven miljoenen mensen onnodig onder gruwelijke pijn en ellende.”

De pestepidemie in de veertiende eeuw is een afschuwelijk voorbeeld van deze werkelijkheid. “Miljoenen Europeanen stierven. Velen vluchtten hals over de kop uit hun huizen. Doden werden in massagraven gegooid of bleven liggen in hun huizen. Van hygiëne hadden de mensen niet gehoord. Ze waren gewend hun uitwerpselen gewoon op straat te gooien. Miljoenen ratten bevolkten de steden. Door deze omstandigheden sloeg de pest als een bezetene om zich heen. Alleen in het Joodse getto van Straatsburg was de situatie totaal anders. Daar woonde een dokter die de door God opgelegde hygiënewetten ten uitvoer bracht. Deze Balavignus droeg de Joden op de wijk op te ruimen en zich te houden aan de regels en bepalingen uit Leviticus. Het aantal sterfgevallen vanwege de pest was in het Joodse kwartier minimaal. Helaas namen de inwoners van Straatsburg de hygiëneadviezen niet over. In plaats daarvan kregen de Joden de schuld van de pest en werden tienduizenden Joden in Europa ter dood gebracht.”

Ark

Hobrink richtte zich bij zijn onderzoek niet alleen op de wetten die God oplegde aan Zijn volk. Ook talloze andere feiten die de Bijbel noemt, vergelijkt hij met de huidige wetenschappelijke inzichten. “Neem de ark van Noach. De verhoudingen van de ark (lengte/breedte was 6:1, red.) waren in Noachs tijd totaal onbekend voor een ‘vrachtschip’. Maar uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat de lengte, breedte en hoogte van de ark de meest ideale zijn om niet te kapseizen bij ruw weer. In 1594 liet de Nederlandse scheepsbouwer Pieter Jansz Liorne zich inspireren door de afmetingen en platte bodem van de ark. Zijn vaartuig kenmerkte zich door een verhouding van 4:1, terwijl 2:1 in die tijd gebruikelijk was. Het schip kon eenderde meer lading vervoeren met een even grote bemanning en zeilde sneller en makkelijker dan de vaartuigen van zijn concurrenten. In zondvloedverhalen van vroegere beschavingen komt meestal ook een soort van ark voor, maar dan gebouwd volgens onrealistische maten. De ark van Noach is het enige bootmodel dat voldoet aan de eisen die scheepsbouwers tegenwoordig stellen. De boten uit zondvloedverhalen van andere beschavingen zouden binnen de kortste keren gezonken zijn.”

Maar pasten al die dieren wel in de ark? Hobrink: “Sla de Bijbel er maar eens goed op na. God geeft alleen de dieren die niet op eigen kracht konden overleven de opdracht naar de ark te gaan. Er waren minder dan 20.000 soorten landdieren en vogels die niet zonder de ark konden voortbestaan. Maar gingen die allemaal aan boord? God zegt nadrukkelijk dat elke vogel en landdier naar zijn aard zich bij Noach moest voegen. Met andere woorden: van iedere hondachtige ging één paartje aan boord, van iedere katachtige eveneens, enzovoort. Er was dus een select aantal ‘basistypen’ nodig om deze diersoorten te laten overleven. In totaal hebben minimaal 1.400 en maximaal 16.000 dieren in de ark gewoond. Uit berekeningen blijkt dat er genoeg ruimte in de ark was voor deze dieren, voor eten en drinken én voor acht mensen om te wonen en te werken.”

Toch worden de meeste wonderlijke feiten die Hobrink aanhaalt slechts terloops genoemd in de Bijbel. “Logisch,” merkt hij op. “Dit Boek kun je niet terzijde schuiven als een sprookjesboek. Het is een geestelijk Boek dat is gericht op de omgang met God. Des te opmerkelijker is het dat zoveel van die feiten getuigen van een diep wetenschappelijk inzicht. Deze terloopse opmerkingen zijn zo waar en zo belangrijk voor ons lichamelijk welzijn. Hoe belangrijk moet de essentiële boodschap voor ons geestelijk welzijn dan wel niet zijn?”

ISBN 978-90-6067-794-0, 356 pagina's, € 18,50 [artikel].

 
 
   
     

 
© 2010 Creatie.info
Disclaimer: Creatie.info includes links to many external sites, but takes no responsibility for the accuracy or legitimacy of their content.
Inclusion of an external link is strictly for the reader´s convenience,
and does not necessarily constitute endorsement of the material or its authors, owners, or sponsors.